De Zweedse kust
De rotsachtige kust van Zweden is bezaaid met duizenden kleine eilanden, sommige groen en welig, andere woest en kaal. Er liggen vijf grote archipels aan de Oost- en Westkant van het land, en dan vooral rond Göteborg en Stockholm.
Höga Kusten in het Noorden
Steile kliffen, glooiende heuvels en nauwe dalen liggen zij aan zij met kalme meren en diepe baaien aan de
Hoge Kust langs de Botnische Golf. Dit is een UNESCO werelderfgoedlocatie aan de oostkust van Zweden.
Scherenkust Stockholm
Aan de oostkust ligt ook
de scherenkust van Stockholm, die wordt gevormd door 24.000 eilanden, scheren en eilandjes, die zich tot 80 kilometer ten oosten van de stad uitstrekken. Omdat ze goed bereikbaar zijn met regelmatige veerbootdiensten kun je gemakkelijk een hele zomer eilandhoppen.
Kalksteenpilaren op Öland en Gotland
Aan de kust van de eilanden
Öland en
Gotland vind je de spectaculaire ‘raukar’: pilaren van kalksteen, die daar al sinds mensenheugenis staan. Bovendien kun je er heerlijk zonnebaden op de zandstranden.
Watersporten
Langs de kust van Zweden met zijn archipels kun je genieten van vele watersporten, waaronder zeilen, kanoën, kajakken, windsurfen, kiteboarden en waterskiën. Voor natuurliefhebbers is de fauna, en dan in het bijzonder de zeehonden, zeevogels en het leven in de zee, een bijzondere beleving.
Bij Zweden denk je niet direct aan de zee, maar die is er volop. Ontdek de kust in het zuiden.
De archipel van de westkust is een eldorado zonder grenzen voor iedereen met een passie voor zout water, frisse zeewind en het zwellen van de oceaan.
Malmö is de enige grote stad in Noord-Europa met een eigen strand, en nog een heel mooi strand ook. Het klassieke Ribersborgstrand is 2,5 kilometer lang en wordt ook wel de “Copacabana van Scandinavië” genoemd.
In de scherenkust bij Stockholm verlies je de grote stad helemaal uit het oog. En ook in de winter heeft de archipel je veel te bieden.